INTERVIEW

Zorg voor uw ouders: liefde, geduld en goede afspraken

Bedrijf, huis, gezin: u heeft alles prima geregeld. Maar stel dat uw ouders een beroep op u doen: ze hebben uw hulp nodig. Kunt u zelf die zorg op u nemen? Of past een andere oplossing beter? Welke praktische zaken kunt u regelen? Ervarings­deskundigen Paul Scholten en Karin Lückner delen de lessen die ze leerden.

De moeder van Paul woonde tot op hoge leeftijd zelfstandig, tot Paul merkte dat ze het in haar eentje steeds minder redde. ‘Ze kreeg haar dagprogramma niet meer op orde. Plannen van activiteiten, zoals boodschappen doen en eten koken, lukte niet goed meer. Mijn broer woont in het buitenland, hij komt een paar keer per jaar naar Nederland. Het viel hem sneller op dat onze moeder achteruit ging, omdat de verschillen van dag tot dag zo klein waren. Het sloop er echt in.’

Karin herkent dat verhaal. ‘Ik had eerst ook niet zo in de gaten dat mijn moeder aan het veranderen was. Mijn kinderen waarschuwden me: oma gaat achteruit, hoor. Ik dacht een hele tijd dat het wel meeviel. Misschien wilde ik het niet zien, het is toch je moeder. Maar ze vergat steeds meer dingen. Toen ze me trots vertelde dat de azalea zo schitterend bloeide omdat ze hem elke dag water gaf, werd me duidelijk dat er echt iets mis was, want dat was een kunstplant.’

Paul Scholten (58)
Getrouwd, woont in Aerdenhout. Verkocht het familiebedrijf, een groothandel in dierbenodigdheden. Zorgt voor zijn moeder, die door dementie sinds december in een kleinschalige zorginstelling woont.

Regelen, regelen, regelen

Zowel Paul als Karin sloegen aan het regelen: thuiszorg, huisarts, fysiotherapeut, nog meer thuiszorg. Kijk daarbij ook naar de financiële zaken, adviseert Paul. ‘Tien jaar geleden hebben we alle verantwoordelijkheden en bevoegdheden vastgelegd. Een jaar geleden maakten we, samen met de notaris en Van Lanschot, een levenstestament. Daar staan afspraken in over allemaal praktische zaken. Wat moet er gebeuren met het geld als mijn moeder zelf niet meer kan beslissen? Mogen we het huis verkopen? Maar ook: wat spreken we af over euthanasie, over wel of niet reanimeren of een behandeling bij ziekte? Ik raad het iedereen aan: ga in gesprek, regel zo’n testament.’

Verzorgings­tehuis? We schrokken ons rot!

Paul Scholten

Karin Lückner (71)
Getrouwd, gepensioneerd coupeuse, deelt in de polder van Zuidoostbeemster een grote woonboerderij met het gezin van haar zoon. Overwoog om haar dementerende moeder bij haar in huis te nemen, maar koos toch voor een zorgvilla.

Thuis wonen ging niet meer. Paul en zijn broer bezochten drie verpleeghuizen waar hun moeder terecht kon. ‘Eerlijk gezegd: we schrokken ons rot. Geen plek waar ik m’n moeder graag zou laten verzorgen. En het ene tehuis waar we wel een goed gevoel bij hadden, had een wachtlijst van een jaar. Tja, dat was ook geen oplossing. Daarom hebben we gekozen voor een zorgvilla.’

Zorg groeit boven het hoofd

Ook voor de moeder van Karin was een zorgvilla uiteindelijk de beste oplossing. ‘Een tijd heb ik met het idee gespeeld om mijn huis te laten verbouwen, zodat mijn moeder daar zou kunnen wonen. Mijn kinderen maakten zich daar zorgen over. Achteraf denk ik dat zij het beter doorhadden dan ik: mijn moeder ging snel achteruiten de zorg zou mij boven het hoofd groeien. Mijn moeder ging soms ’s nachts naar buiten, dat maakt het lastig om goed voor iemand te zorgen.’ Ze vond een zorgvilla in de buurt waar haar moeder terecht kon, een geruststellende oplossing.

Ze gaf de azalea elke dag water. Maar die was van plastic…

Karin Lückner

Onderuit in de badkamer

Het was een les voor Karin: afhankelijk zijn van andere mensen valt niet mee. Toen de gelegenheid zich voordeed, kocht ze een grote woonboerderij waar zij, haar man, haar zoon en schoondochter allemaal kunnen wonen. ‘We lopen elkaar niet voor de voeten, want de woningen zijn volledig gescheiden. Als er eens wat is, helpen we elkaar. Mijn man ging laatst onderuit in de badkamer, hij had flink zijn hoofd gestoten. In mijn eentje kreeg ik hem met geen mogelijkheid overeind.’

‘Wat was ik blij dat mijn schoondochter kon helpen. Als mijn man en ik ouder worden en meer zorg nodig hebben, kunnen we zelfs een speciale zorgwoning laten bouwen bij het gedeelte waar mijn zoon en schoondochter wonen. Daar kunnen we ook zorg van buitenaf bij betrekken, als dat nodig is. Dat is wat ik doe: ik denk vooruit. Niet één, maar wel tien jaar. Want anders moeten andere mensen het voor je regelen. En dat past helemaal niet bij mij.’

Vertrouwde omgeving

Karin: ‘Toen mijn moeder in het ziekenhuis terechtkwam met een longontsteking, werd snel duidelijk dat ze niet lang meer zou leven. Ik heb haar meegenomen naar de zorgvilla, ondanks protesten van de artsen en verpleegkundigen. Mijn moeder wilde in haar eigen bed sterven, dat hadden we met elkaar afgesproken en daar hield ze me aan.’ Karin haar moeder is overleden in haar eigen kamer in de zorgvilla, een vertrouwde omgeving.

Paul denkt aan afgelopen Koningsdag. ‘Mijn moeder zat met een oranje tompouce in de woonkamer van haar zorgvilla gezellig met de andere bewoners naar de koning en koningin te kijken. Ze zorgen daar zo fantastisch voor haar, ze voelt zich helemaal thuis. Mijn moeder, bepaald niet scheutig met complimentjes, zei toen tegen me: dit heb je goed geregeld, jongen.’

AANMELDEN MAGAZINE LIKE | 15
Video
Delen

Uw naam

E-mail

Naam ontvanger

E-mail adres ontvanger

Uw bericht

Verstuur

Share

E-mail

Facebook

Twitter

LinkedIn

Contact

Naam

E-mail

Bericht

Verstuur

Subscribe

Abonneer u nu op Cornelis,
het online magazine van Van Lanschot.

Aanhef *

Voornaam *

Tussenvoegsel(s)

Achternaam *

Postcode *

E-mailadres *

Telefoonnummer

Meld aan